22-11-2017 Nieuws van Cedris Nieuws van Cedris

Financiële gevolgen regeerakkoord voor Sociaal Domein gemeenten

Rijksmiddelen voor Wsw-uitvoering en re-integratie nieuwe doelgroepen – waaronder beschut – worden niet opgenomen in de brede uitkering Gemeentefonds. Over 2018 en 2019 komt er nog een aparte indexatie voor het sociaal domein, bovenop de berekende accressen.

De VNG heeft de gemeenten een brief gestuurd over de financiële compensatie van het sociaal domein in 2018 en 2019. Dit in aanvulling op de VNG-reactie op het  regeerakkoord Vertrouwen in de Toekomst. Enkele plannen daarin komen  tegemoet aan de wens van de VNG:

  • de groei van de algemene uitkering – het ‘accres’ – in het Gemeentefonds wordt met ingang van 2018 gekoppeld aan de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven. Wijzigingen in rijksuitgaven hebben daarmee direct invloed op de omvang van de algemene uitkering (in zowel Gemeente- als Provinciefonds), volgens het principe 'samen de trap op, samen de trap af'
  • een hoger het accres voor het Gemeentefonds dan onder het vorige kabinet was afgesproken: het Gemeentefonds groeit t/m 2020 met gemiddeld 5% per jaar – tegen de 3% die vóór het regeerakkoord gold. In 2022 zal het Gemeentefonds daarmee € 5,4 mld gegroeid zijn in plaats van de eerder verwachte € 2,5 mld.

Bekostiging loon- en prijsontwikkelingen Sociaal Domein

Uit deze accressen moeten gemeenten onder meer de volumeontwikkelingen en de loon- en prijsstijgingen betalen.

Eerder is afgesproken dat de integratie-uitkering sociaal domein (IUSD) per 2019 wordt overgeheveld naar de algemene uitkering Gemeentefonds. Niet alle IUSD-middelen worden overgeheveld:

  • Het integreerbaar deel daarvan (namelijk het deelbudget Re-integratie klassiek, € 0,5 mld) gaat per 2019 op in de algemene uitkering. Loon- en prijsmutatie en volumegroei van onder meer dit deelbudget, dienen vanaf 2010 te worden betaald uit het accres waarvan de hoogte wordt bepaald door het trap-op-trap-af principe.
  • Niet worden overgeheveld de deelbudgetten Wsw en Re-integratie nieuwe doelgroepen (€ 1,8 mld). De LPO-vergoedingen voor deze regelingen blijven hun eigen koers volgen.

De hoogte van het accres wordt met ingang van 2020 beïnvloed door deze overheveling van de diverse deelbudgetten (ook enkele in Jeugd en WMO). In de tussentijd, via de mei-circulaires 2018 en 2019, worden voor het sociaal domein, conform eerdere jaren, nog aparte afspraken gemaakt voor LPO en voor de groei van het volume.

Deze LPO zal, zolang en voor zover deze uitkeringen niet zijn geïntegreerd in de algemene uitkering, worden betaald door het ministerie van SZW resp VWS. Bij deze ministeries zijn de LPO-middelen gereserveerd, maar de ministeries delen die niet automatisch uit. In principe bepaalt het kabinet telkens in de loop van het budgetjaar of het wenselijk is om de LPO uit te delen.

De afspraak die in het kader van de onderhandelingen cao-Wsw is gemaakt om de LPO voor de Wsw volledig door te storten loopt voor het laatst over 2018.

Bron: Ledenbrief VNG, 14 november 2017