11-10-2016 Nieuws van Cedris Nieuws van Cedris

Kamerbrief over duiding (arbeids)participatie ggz

Zorgverzekering dekt onder voorwaarden ook deel arbeidsparticipatie bij psychische beperkingen: startfase IPS. Op het grensvlak van zorg en arbeid kunnen meer mogelijkheden worden benut.

Participatie wordt steeds meer onderdeel van een behandelplan in de ggz. De bewindslieden van VWS en SZW bepleiten duidelijkheid over de verzekerde aanspraken in de ggz. Nu blijkt dat de Zorgverzekeringswet (Zvw) wat ruimte biedt om (arbeids)participatie te bevorderen, helpt dit partijen bij de uitvoering van hun taken en bij de noodzakelijke onderlinge samenwerking.

De bewindslieden reageren op een inventarisatie en aanbevelingen van het Zorginstituut Nederland afgelopen zomer. Die beantwoordde op verzoek van de bewindslieden de volgende vragen:

  • Bij welke activiteiten en/of interventies ter bevordering van participatie is sprake van verzekerde zorg op grond van de Zvw?
  • Hoe sluit dit aan op andere wetten zoals Wmo 2015, Participatiewet of Wet Verbetering Poortwachter? Is er overlap (dubbele aanspraak) of zijn er leemtes?

Overlap zou er kunnen zijn rond bijvoorbeeld werkgerelateerde klachten zoals burn-out.

Volgens het Zorginstituut is de ruimte die zorgverleners binnen de Zvw hebben om (arbeids)participatie van mensen met psychische problemen te bevorderen, beperkt tot diagnostiek en behandeling. Sociale omstandigheden van de cliënt staan centraal bij het bepalen van de zorgdoelen. Bij domeinoverschrijdende zorg vindt er coördinatie (casemanagement) plaats

Het behoort echter niet tot het werk van de zorgprofessionals om de sociale omstandigheden van de cliënt te (helpen) verbeteren. Zaken als begeleiding naar werk of een  woning valt onder het sociaal domein.

Hoewel wet- en regelgeving tussen deze domeinen aansluiten, gaat er in de praktijk en op beleidsniveau nog veel mis in de afstemming tussen professionals uit de verschillende domeinen.

Individuele Plaatsing en Steun

Op verzoek beoordeelde het Zorginstituut de interventiemethode Individuele Plaatsing en Steun (IPS). Hoewel het toeleiden naar werk zoals dat bij IPS gebeurt niet tot onder de Zvw valt, vindt het Zorginstituut dat zorgprofessionals een taak hebben het laten slagen van interventies zoals IPS. Bijvoorbeeld door motiverende gesprekken te voeren, de behandeling aan te passen aan de werk(zoek)ende situatie van de cliënt en door af te stemmen (eventueel in de vorm van casemanagement) met de IPS-trajectbegeleiders.

Het Zorginstituut beschouwt wél als geneeskundige zorg – en kondigt aan dat het voortaan onder de Zvw valt: activiteiten die een zorgprofessional als onderdeel van het behandelplan levert in de aanloop naar/beginfase van IPS. Argument daarvoor is, dat in het beginstadium het geneeskundig doel (functioneel herstel) en de motivering van de cliënt voor IPS sterk verweven zijn. Gemiddeld kunnen de eerste acht gesprekken van een IPS-traject daarmee bij de zorgverzekeraar gedeclareerd worden.

Het Zorginstituut beveelt aan dat

  • UWV, gemeenten en zorgverzekeraars afspraken maken over de vergoeding vanuit de Zvw van een gelimiteerd aantal gesprekken in het kader van (het toeleiden naar) IPS.
  • onderzocht moet worden of de onderzoekssubsidieregeling IPS van het UWV (waarvoor nu GGZ-instellingen aanvragen kunnen indienen) kan worden verruimd. Daarmee kunnen ook cliënten van gemeenten daarvan gebruik maken (analoog aan de subsidieregeling ‘Ernstige scholingsbelemmeringen’).

Bovendien adviseert het Zorginstituut onderzoek te doen naar

  • de effectiviteit van IPS voor het psychisch welbevinden en zorggebruik van mensen met ernstige psychische aandoeningen
  • de kosteneffectiviteit van IPS inclusief de gezondheidseffecten, zorgkosten en besparingen op uitkeringen

In de Kamerbrief melden de bewindslieden dat zij zich blijven inspannen om de domeinen zorg en werk beter op elkaar te laten aansluiten. Dit gebeurt onder meer via

  • de Interdepartementale werkgroep Mensenwerk (zie eerder bericht), waarin ook Cedris deelneemt, en
  • d
  • e Regionale werkateliers in elk van de 35 arbeidsmarktregio’s (zie eerder bericht).

Bron: Kamerbrieven, 30 augustus en 3 november 2016; brief en bericht ZorgInstituut Nederland, 30 augustus 2016; bericht Kenniscentrum Phrenos, 16 september 2016.