11-10-2016 Persberichten, Nieuws van Cedris Persberichten, Nieuws van Cedris

Tweede financiële tegenvaller vanuit het Rijk in half jaar voor Sw-bedrijven

‘Dit kunnen we er ècht niet bij hebben’ aldus Job Cohen, voorzitter van Cedris

SW-bedrijven krijgen opnieuw een forse financiële klap vanuit het Rijk te verwerken. Het Lage Inkomens Voordeel (LIV) blijkt in tegenstelling tot de gewekte verwachting grotendeels aan de Wsw voorbij te gaan. De tegenvaller bedraagt jaarlijks €30 tot €40 miljoen. Dit komt bovenop de extra rekening van totaal €182 miljoen die het Rijk al in mei bij de Sw-bedrijven neerlegde. Deze tegenvallers tellen op tot ca. 300 mln tot 2020. ‘Na de eerdere bezuinigingen kunnen Sw-bedrijven dit er ècht niet bij hebben. De rek is eruit. Dit moet worden gerepareerd, anders blijft er onvoldoende kennis en expertise beschikbaar voor de uitvoering van de participatiewet en de banenafspraak ’, aldus Job Cohen, voorzitter van Cedris.

Het LIV is een voordeel voor werkgevers, bedoeld om werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt te stimuleren. De regeling gaat in op 1 januari 2017 en is onlangs aangepast in de Verzamelwet 2017. Deze wet is 8 november jl. door de Eerste Kamer aangenomen, zonder dat er inzicht bestond in het onbedoelde en onwenselijke effect van de aanpassing voor gemeenten en Sw-bedrijven.

Veel Sw-bedrijven hebben in hun meerjarenbegroting rekening gehouden met het LIV dat tot maximaal € 2000,- per werknemer kan oplopen. Door een aanpassing in de urenberekening van het LIV blijkt dit voor Wsw-ers niet langer het geval. Per Wsw-medewerker kan hooguit nog een beroep worden gedaan op de bij de tweede trede (110-125% WML) behorende uitkering van hooguit € 1.000,-. Dit leidt tot forse tekorten bij Sw-bedrijven.

Cedris schat in dat een Sw-bedrijf zo´n 30 tot 60% minder LIV-inkomsten ontvangt. De precieze tegenvaller is afhankelijk van de inschaling van medewerkers. Cedris vindt het niet acceptabel dat een wet met slechts technische aanpassingen zulke forse consequenties heeft voor Sw-bedrijven. De staatssecretaris heeft de LIV-inkomsten zeer recent nog genoemd als verzachting van het ontoereikende Wsw-budget en bovendien opgevoerd als dekking van de kosten van nieuw beschut werk. Nu blijkt de LIV zelf een tegenvaller te zijn voor de bedrijven.

Vlak voor de zomer werden gemeenten en Sw-bedrijven ook al geconfronteerd met een forse financiële tegenvaller. De meerjarenraming van het Rijk voor de gemeente maakte in mei duidelijk dat voor de periode tot 2020 een extra tekort ontstaat van in totaal 182 miljoen op de uitvoering van de bestaande Wsw. Dit komt doordat de uitstroom uit de Wsw minder snel gaat dan waarvan het Rijk in 2012 bij de vaststelling van het totaalbudget is uitgegaan. Met hetzelfde geld moeten nu meer mensen worden  geholpen. Het beschikbare gestelde budget is daardoor onvoldoende om de Wsw uit te voeren.

 

Gemeenten en SW-bedrijven moeten in vier jaar tijd, van 2017 tot 2020, in totaal 300 miljoen aan extra tegenvallers vanuit het Rijk zelf opvangen. Job Cohen: ‘Je kunt niet aan de ene kant zeggen dat de Sw-bedrijven belangrijk zijn voor de uitvoering van de participatiewet en de banenafspraak en aan de andere kant de inzet van die kennis en infrastructuur financieel onmogelijk maken’. 

Cedris roept de Tweede Kamer op deze onbedoelde en ongewenste financiële effecten zo spoedig mogelijk te repareren.